Tandheelkundige kennis: parodontaal onderzoek
Het parodontale onderzoek is de basis voor de tandheelkundige diagnose en het therapieadvies
Eerst volgt een uitvoerig onderzoek om de bevindingen vast te leggen / anamnese, waarbij naast de acute symptomen ook (eerdere) aandoeningen (bijv. diabetes, hoge bloeddruk), medicijngebruik en gewoonten worden nagevraagd. Bij het bestaan van een parodontale aandoening wordt vaak gevraagd of familieleden eveneens parodontitis hebben gehad of hebben.
Treedt een parodontitis ondanks nauwgezette mondhygiëne op, dan kan met een gentest worden onderzocht of er sprake is van een familiaire aanleg. Daarbij wordt de erfelijke informatie geanalyseerd van de bacteriën die verantwoordelijk zijn voor het uitlokken van een parodontitis. Bij genetisch belaste patiënten bestaat een sterk verhoogd risico om parodontitis te krijgen.
Er worden klinische en röntgenologische bevindingen vastgelegd; hierbij worden onder andere de pocketdieptes gemeten en wordt de bevinding röntgenologisch gedocumenteerd. Het stadium van de parodontitis bepaalt de behandelvorm en therapie, waarbij een groot aantal aspecten uit de tandheelkunde in overweging moet worden genomen. Met een klassieke parodontale behandeling vertraagt men alleen het verloop of brengt men de ziekte tot stilstand. Verloren weefsel wordt slechts in beperkte mate teruggewonnen.
Op grond van de uitgevoerde anamnese stelt de tandarts zijn diagnose op, die het ziektebeeld en de symptomen daarvan beschrijft. Met behulp van de diagnose kan de tandarts een therapieplan opstellen waarmee alle verdere behandelstappen worden gepland. Vóór het begin van de behandeling stelt de tandarts de parodontale status op. De parodontale status wordt op een tweezijdig formulier ingevuld en geeft een overzicht van het ziektebeeld.
Kort beantwoord